Soorten chape: welke dekvloer kies je voor jouw vloer?
Van traditionele cementchape en vloeichape tot anhydriet- en isolerende chape: de keuze is groter dan je denkt. We zetten de belangrijkste soorten chape naast elkaar en bekijken hun samenstelling, voor- en nadelen, plaatsing en droogtijd.
Cementgebonden chape
Cementgebonden chape is de bekendste familie van dekvloeren. Hier fungeert cement als bindmiddel. Binnen deze categorie heb je niet alleen de klassieke zandcementchape, maar ook sneldrogende varianten en cementgebonden vloeichapes. Ze verschillen vooral in verwerkbaarheid, droogtijd, krimpgedrag en prijs.

Traditionele cementchape
Traditionele chape bestaat hoofdzakelijk uit zand, cement en water, eventueel aangevuld met hulpstoffen of vezels. Het mengsel heeft een aardvochtige consistentie en wordt zowel bij nieuwbouw als renovatie gebruikt. Cementchape kan hechtend, niet-hechtend of zwevend worden uitgevoerd en is geschikt voor binnen- én buitentoepassingen.
Wat zijn de voordelen?
Traditionele cementchape is veelzijdig, robuust en relatief voordelig. Ze kan met vrijwel alle gangbare vloerafwerkingen worden gecombineerd en is ook geschikt voor vochtige ruimtes en buitentoepassingen, mits de volledige vloeropbouw daarvoor geschikt is.
Wat zijn de nadelen?
Het grootste nadeel is de relatief lange droogtijd. Bovendien kan cementchape tijdens het drogen krimpen, waardoor een correcte samenstelling, plaatsing, eventuele wapening en dilatatievoegen belangrijk zijn om scheurvorming te beperken.
Hoe wordt traditionele chape geplaatst?
De chapemortel wordt aangemaakt of aangevoerd en over de voorbereide ondergrond verdeeld. De chapper brengt het mengsel op hoogte, verdicht het zorgvuldig en reit het vervolgens vlak af, meestal met behulp van niveaumarkeringen (volgens het meterpas, een vaste horizontale referentielijn op 1 m boven het afgewerkte vloerniveau) of een laser. Daarna wordt het oppervlak afgewerkt.
Een pas geplaatste cementchape moet eerst voldoende uitharden voordat ze wordt belast. Wanneer ze voorzichtig beloopbaar is, hangt af van de samenstelling en omstandigheden. Voor een traditionele cementchape kan de volledige droging gemakkelijk meerdere weken tot enkele maanden duren, afhankelijk van onder meer de dikte, temperatuur, luchtvochtigheid en ventilatie. Daar lees je hier meer over.
Let op
Probeer de droging de eerste dagen niet te forceren met sterke tocht, hoge temperaturen of een bouwdroger. Cement heeft voldoende vocht nodig voor zijn hydratatie en sterkteontwikkeling. Pas wanneer de eerste uithardingsfase voorbij is, kan gecontroleerde ventilatie en eventueel bouwdroging worden ingezet.

Sneldrogende cementchape
Wanneer je (ver)bouwplanning weinig ruimte laat voor een lange droogtijd, kan een sneldrogende cementchape een oplossing zijn. Daarbij worden speciale bindmiddelen en/of hulpstoffen gebruikt om de chape sneller te laten uitharden en drogen. Het gaat dus niet noodzakelijk simpelweg om traditionele chape waaraan één "droogversneller" wordt toegevoegd: er bestaan complete, specifiek samengestelde snelchapesystemen.
Wat zijn de voordelen?
De belangrijkste winst is tijd. Afhankelijk van het product kan een snelle cementchape al na enkele dagen of soms zelfs uren beloopbaar zijn en veel eerder worden betegeld of met andere vloerbekleding worden afgewerkt dan een traditionele chape.
Let op
Belangrijk is ook het onderscheid tussen beloopbaar en belegbaar: dat je over de chape kunt lopen, betekent nog niet dat er al parket, vinyl of een andere vochtgevoelige vloer op mag. Tegels kunnen bij bepaalde snelchapes vaak eerder worden geplaatst dan zulke vochtgevoelige afwerkingen.
Wat zijn de aandachtspunten?
Sneldrogende systemen zijn doorgaans duurder en moeten nauwkeurig volgens de technische voorschriften worden aangemaakt en verwerkt. De droog- en wachttijden verschillen bovendien sterk per product. "Sneldrogend" betekent dus niet automatisch dat iedere vloerafwerking er na enkele dagen op mag.
Hoe wordt sneldrogende chape geplaatst?
De plaatsing lijkt op die van een traditionele cementchape, maar de voorgeschreven mengverhouding, hoeveelheid water en verwerkingstijd zijn nog belangrijker. Sommige producten hebben een relatief korte verwerkingstijd. De vakman moet daarom zijn werktempo daarop afstemmen. Wanneer de vloer beloopbaar en belegbaar is, wordt door het gekozen product bepaald.

Cementvloeichape
Een cementgebonden vloeichape gebruikt eveneens cement als bindmiddel, maar heeft door zijn specifieke samenstelling een veel vloeibaardere consistentie dan traditionele zandcementchape. Ze wordt doorgaans kant-en-klaar aangevoerd of aangemaakt en met een pomp over de vloer verdeeld.
Dankzij haar vloeibaarheid verspreidt de mortel zich gemakkelijk en kunnen grote oppervlakken snel worden uitgevoerd. Rond vloerverwarmingsleidingen sluit het materiaal bovendien goed aan. Moderne cementvloeichapes kunnen hoge sterktes combineren met een beperkt krimpgedrag, al zijn de precieze eigenschappen sterk productafhankelijk. Vaak zijn ze overigens zelfnivellerend.
Wat zijn de voordelen?
Ssnelle plaatsing, een zeer vlak resultaat, goede omsluiting van vloerverwarming en minder fysieke arbeid tijdens het verwerken. Omdat het bindmiddel cement is, is cementvloeichape bovendien minder vochtgevoelig dan anhydriet.
Wat zijn de aandachtspunten?
Cementvloeichape is doorgaans duurder dan traditionele chape en de ondergrond moet zorgvuldig worden voorbereid om te voorkomen dat het vloeibare mengsel wegloopt. Ook de droogtijd en minimale laagdikte verschillen sterk per systeem.
Hoe wordt cementvloeichape geplaatst?
De vloeichape wordt meestal verpompt, op het juiste niveau gebracht en vervolgens met een drijfrei of vergelijkbaar gereedschap bewerkt om de mortel goed te verdelen en ingesloten lucht te verwijderen. Daarna moet de vloer ongestoord kunnen uitharden en drogen.
Hoe snel je erop mag lopen of een vloerafwerking mag plaatsen, verschilt sterk per product. Er bestaan snelle cementvloeichapes die al na enkele uren beloopbaar zijn, maar bij andere systemen duurt dit langer. De technische fiche van het gekozen systeem is daarom, opnieuw, bepalend.
Anhydriet- of calciumsulfaatgebonden chape
Bij een anhydriet- of calciumsulfaatgebonden chape wordt calciumsulfaat als bindmiddel gebruikt in plaats van cement. In de woningbouw gaat het meestal om een vloeichape die wordt verpompt en zichzelf gemakkelijk over het vloeroppervlak verdeelt.

Wat zijn de voordelen?
Dekvloerdikte
Anhydrietchape kan bij bepaalde systemen relatief dun worden uitgevoerd. Afhankelijk van product, sterkteklasse en plaatsingswijze zijn laagdiktes vanaf ongeveer 30 à 35 mm mogelijk. Dat maakt de chape interessant wanneer de beschikbare opbouwhoogte beperkt is.
Zie zulke waarden echter niet als universele minimumdiktes. Bij een zwevende vloer, vloerverwarming of hogere belasting kunnen andere eisen gelden. De technische voorschriften van het gekozen systeem zijn altijd doorslaggevend.
Beperkte krimp
Een andere belangrijke troef is het beperkte krimpgedrag. Daardoor kunnen grote, vlakke oppervlakken worden gerealiseerd en is niet in iedere situatie traditionele wapening nodig. De precieze noodzaak van voegen en wapening moet echter altijd systeemmatig worden beoordeeld.
Goed voor vloerverwarming
Anhydrietchape combineert bovendien goed met vloerverwarming. De vloeibare mortel omsluit de leidingen goed en zorgt voor een goede warmteoverdracht.

Wat zijn de aandachtspunten?
Het belangrijkste nadeel is de gevoeligheid voor langdurig vocht. Anhydriet is daarom in de eerste plaats bedoeld voor droge binnenruimtes. In badkamers kan toepassing onder voorwaarden mogelijk zijn, maar alleen met een correct ontworpen waterdicht vloersysteem. Voor permanent natte zones en buitentoepassingen ligt een cementgebonden oplossing meer voor de hand.
Anhydriet is ook niet per definitie sneller droog dan cementchape. Een dikkere anhydriet dekvloer kan juist behoorlijk lang moeten drogen voordat een vochtgevoelige vloerbekleding mag worden geplaatst. Daarnaast moet het oppervlak bij sommige systemen worden geschuurd en moeten primers, lijmen en egalisatiemiddelen geschikt zijn voor calciumsulfaat.
Hoe wordt anhydrietchape geplaatst?
De mortel wordt meestal vloeibaar verpompt en op het juiste niveau gebracht. Vervolgens wordt de chape met een drijfrei bewerkt, zodat ze goed vloeit, lucht kan ontsnappen en een vlak oppervlak ontstaat.
De vloer kan afhankelijk van het product vaak na enkele dagen voorzichtig worden belopen; snelle systemen kunnen dat al veel eerder toelaten. Daarna begint echter nog de droogfase. Goede ventilatie wordt na de eerste uithardingsfase belangrijk. Vóór het plaatsen van een vochtgevoelige vloerbekleding moet het restvocht worden gecontroleerd. Bij vloerverwarming moet bovendien het voorgeschreven opstookprotocol worden gevolgd.
Isolerende chape
Een isolerende chape bevat lichte toeslagmaterialen met isolerende eigenschappen, bijvoorbeeld EPS-korrels. Daardoor heeft het materiaal een lagere massa en een betere thermische isolatiewaarde dan een gewone zandcementchape. Er bestaan zowel isolerende dekvloeren waarop rechtstreeks een vloerafwerking kan komen als isolerende uitvullingsmortels waarop nog een volwaardige chape moet worden aangebracht.
Niet ieder product dat in de volksmond "isolerende chape" wordt genoemd, is sterk genoeg om zelf als definitieve dekvloer te dienen, noch is het een volwaardig alternatief voor doorgedreven vloerisolatie (met een R-waarde van min. 2 m²K/W).

Waarvoor wordt isolerende chape gebruikt?
Isolerende mortels zijn in de eerste plaats vooral handig om leidingen en hoogteverschillen uit te vullen, alvorens een eventuele isolatielaag en uiteindelijk de "echte" chapelaag wordt gelegd. Door hun geringe gewicht zijn ze onder meer interessant bij renovaties en vloeren die niet onnodig zwaar mogen worden belast.
Verwacht niet dezelfde isolatieprestatie per centimeter als van hoogwaardige PUR-, PIR- of andere isolatieplaten. Om dezelfde R-waarde te behalen, is met een isolerende mortel doorgaans aanzienlijk dikkere laag nodig. Bij weinig beschikbare opbouwhoogte is een afzonderlijke hoogwaardige isolatielaag met een chapelaag erbovenop daarom vaak efficiënter.
Hoe wordt isolerende chape geplaatst?
De lichte mortel wordt gemengd of aangevoerd, over de draagvloer verdeeld en op de gewenste hoogte afgewerkt. Omdat hij gemakkelijk rond leidingen kan worden aangebracht, kan hij tegelijk als uitvullingslaag dienen.
De verdere vloeropbouw is productafhankelijk. Sommige lichtgewicht chapes zijn na uitharding rechtstreeks geschikt voor bijvoorbeeld verlijmde tegels; bij andere isolerende uitvullingsmortels moet eerst een folie, isolatie en/of een gewone dekvloer worden aangebracht. Ook de beloopbaarheid en droogtijd kunnen daardoor sterk verschillen. Je raadt het al: volg ook hier altijd de technische fiche van het gekozen systeem.
Chape met chaperooster
Een andere manier om een dekvloer op te bouwen is met een chaperooster. Dat is eigenlijk geen afzonderlijke soort chape, maar eerder een hulpmiddel voor de plaatsing. Het bestaat uit kunststof roosters die op de draagvloer worden geplaatst en met regelbare poten op de juiste hoogte en waterpas worden ingesteld. De vakken van het rooster worden vervolgens gevuld met bijvoorbeeld een traditionele cementchape.

Wat zijn de voordelen?
Het systeem maakt het eenvoudiger om overal de juiste hoogte en een vlak resultaat te verkrijgen. Tegelijk verdeelt het rooster de dekvloer in kleinere velden, waardoor spanningen en eventuele scheurvorming beter worden beheerst. Het kan daardoor interessant zijn bij renovaties en is een van de systemen waarmee ook een handige doe-het-zelver zelf een dekvloer kan opbouwen. Voor grotere of technisch complexere vloeren blijft professionele plaatsing aangewezen.
Wat zijn de aandachtspunten?
Het rooster brengt een extra materiaalkost mee en neemt de eigenschappen van de gebruikte chape niet weg. Vul je het rooster met traditionele cementchape, dan blijven dus ook de bijbehorende droogtijd, minimale laagdikte en aandachtspunten bij verwerking gelden. Een chaperooster maakt van een cementchape met andere woorden geen droog systeem.
Droge dekvloer
Naast alle "natte" chapes bestaat er nog een heel andere oplossing: de droge dekvloer of droogbouwvloer. Daarbij wordt geen natte chapemortel gestort. In plaats daarvan worden vloerplaten – vaak gips- of houtvezelplaten – op een vlakke ondergrond of droge egalisatie-/uitvullaag geplaatst en onderling verbonden.

Wat zijn de voordelen?
Het grote voordeel is dat de droogtijd wegvalt. De vloer is licht en de opbouw kan zeer dun blijven. Er bestaan bijvoorbeeld droogvloerelementen van 18 tot 23 mm dik. Daardoor is droogbouw vooral interessant bij renovaties, houten draagvloeren en situaties waarin weinig extra gewicht of opbouwhoogte gewenst is.
Wat zijn de aandachtspunten?
Een droge dekvloer is qua materiaal doorgaans duurder dan een klassieke cementchape. De ondergrond moet bovendien stabiel, voldoende draagkrachtig en vlak zijn. Oneffenheden kunnen vaak worden weggewerkt met een droge egalisatie- of uitvullaag, maar dat betekent extra materiaal en opbouwhoogte.
Ook is niet elk droogvloersysteem geschikt voor iedere toepassing: bij zware puntbelastingen, zoals een zware kachel of bepaalde vaste meubels, moet je controleren of de platen voldoende belastbaar zijn. In badkamers en andere vochtige ruimtes zijn alleen daarvoor geschikte platen en een correcte waterdichting aangewezen.
Ten slotte moet ook de vloerafwerking compatibel zijn met het systeem; vooral bij grote tegels, natuursteen en verlijmde vloerbekledingen kunnen bijkomende eisen gelden voor de stijfheid, vlakheid en voorbereiding van de ondergrond.
Hoe wordt een droge dekvloer geplaatst?
De ondergrond wordt eerst vlak gemaakt, eventueel met een droge egalisatie- of uitvullaag. Daarop worden de vloerplaten volgens het gekozen systeem gelegd en aan de naden verlijmd en/of mechanisch bevestigd.
Omdat er nauwelijks bouwvocht wordt toegevoegd, is geen klassieke droogperiode nodig. Afhankelijk van het systeem kan de vloer al na ongeveer 24 uur beloopbaar en verder afwerkbaar zijn. Controleer wel altijd de wachttijden van de fabrikant voordat de definitieve vloerbekleding wordt geplaatst.